Kata’s zijn “vastgestelde” stijlvomen (choriografieen), die bestaan uit reeksen van aanvallen en verdedigingen tegen “denkbeeldige” tegenstanders uit verschillende richtingen. D.m.v. deze solo-vormen kan men de souplesse van de bewegingen bevorderen, de ademhaling beheersen, de lichaamsbalans verbeteren en de kracht, snelheid en trefzekerheid opvoeren. Het Kata is een afspiegeling van het echte gevecht en wordt daarom ook wel “spiegelgevecht” genoemd. Het is een “expressievorm” en de “heart and soul” van de stijl ligt besloten in deze martiale choreografieen. Bij het beoefenen van het onderdeel Kata, bewandelt de beoefenaar als het ware opnieuw de voetstappen van de grote meesters die deze vormen hebben gecreerd. Tijdens de examens voor dit onderdeel, wordt de kandidaat beoordeeld op de volgende criteria:
- Juiste vorm (patroon / richting)
- Vastgesteld aantal bewegingen
- Ritme (langzaam / snel)
- Begrip (Bunkai)
- Spanning/ontspanning (ademhaling)
- Gevechts allertheid (Zanshin)
- Inleving/rijpheid (gevoel)
- Concentratie (focus)
- Attitude (houding)
In tegenstelling tot Kata staan bij Kumite, een andere trainingsmethode, twee personen tegenover elkaar en demonstreren hun technieken. Het Kata is een “verzamelnaam” voor al de stijlvormen (figuren), die weer afzonderlijk hun “eigen” naam hebben. De volgende Katavormen van Shaolin Kempo zijn in 1982 bij de KBN (Karate-do Bond Nederland) officieel vastgelegd in het examen-pakket:
BASIS KATA’S:
- SAIFA SHODAN (1e Saifa))
- SAIFA NIDAN (2e Saifa)
- SAIFA SANDAN (3e Sifa)
- SAIFA YONDAN (4e Sifa /zie opmerking)
- SAIFA GODAN (5e Sifa)
- SAIFA ROKUDAN (6e Saifa)
HOGERE KATA’S:
- SHAOLIN KUEN (Chuan-fa Kata, Kung-fu Kata, “Kun Lau”)
- SHAOLIN NGOI KUNG KUEN (Externe krachtvuis set uit het Shaolin Kup Shuy / Iron palm)
- SAI SAHP CHI KUEN (Choy Gar: Kleine kruisloop vuistset. Traditionele Wing Chung-set van de familie Choy)
- HAKKA KUEN (Vuistset van de Hakka-bevolking in de Zuid-Oostelijke provincie Fukien van China / Haak Ga = gastfamilie , gastarbeiders)
- SAAM MOON KUEN (Lee Gar /Drie dimensies vuisset van de familie Lee / Drie deuren openen)
- CHEUNG DYUN KIU KUEN (Hung Gar / Vuistset met lange en korte brughand /onderarm-technieken van de familie Hung)
- LAU GAR KUEN (Lau Gar / Vuistset van de familie Lau)
- DAI SAHP CHI KUEN (Lee gar / Grote kruisloopvuisset van de familie Lee)
- FA KUEN (Bloemen vuisset)
Opmerking: De 1e , 2e, 3e, 5e en 6e Saifa en Shaolin Kuen zijn basis kata’s , gecreerd door sifu G.K. Meijers in de periode 1960-1970. Saifa Yondan is een katavorm uit het traditionele Pack Mae Pai (Witte Wenkbrauwen stijl).
SAI FA = Handmethode, Weg van de hand, Handenspel of wet van de hand, Doordringend spel. Sai Faat = klein of kort spel In het Westen wordt onder BOKSEN verstaan: “Het vechten met de handen/vuisten, in tegenstelling tot het Oosten, waarbij het (Chinees) boksen met zowel armen/vuisten als benen wordt beoefend. Bij veel Chinese stijlen licht het accent op de handen (handenspel).
Bij Kata speelt de “verbeeldingskracht” een zeer belangrijke rol en het voordeel hierbij is dat je optimaal je kracht kan uitoefenen, terwijl je bij Kumite rekening moet houden met je partner. Het kata is even belangrijk als het kumite en worden daarom ook wel de “2 wielen van de wagen” genoemd (het een kan niet zonder het ander).
BUNKAI KUMITE:
Bunkai Kumite (de gevechtskundige betekenis van Kata) zijn gevechtsoefeningen, die gebaseerd zijn op de bewegingen uit de Kata. “Bunkai” betekent “analyse” en slaat dus op de gevechtskundige analyse van de Kata-bewegingen. In het Okinawa Karate zijn deze gevechtsoefeningen grotendeels bewaard gebleven. Ondermeer in de vorm van de zogenaamde “Dento Teki Bunkai” of “traditionele gevechtstechnieken” en in de “Hiden Bunkai Kunite” of verborgen gevechtstechnieken. Bunkai is dus een wezenlijk onderdeel bij het beoefenen van het Kata, zonder dit onderdeel zou men de efficientie van de gevechtskunst en de scherpte van technieken uit het oog verliezen en zal Kata slechts (met alle respect) een balletuitvoering zijn.
